Zijn moeder en ik hebben allebei gestudeerd. Hij is pas 6 en heeft het duidelijk van geen vreemde. Was er vroeg bij met lezen en rekenen en hoort duidelijk bij het topsegment van zijn klas. Sterker nog; als hij écht zijn best zou doen, zou hij de anderen er moeiteloos outperformen. Maar zijn hoge intelligentie heeft hem ook een beetje gemakzuchtig gemaakt. Daarom geven we hem thuis af en toe bijles, zodat hij het niveau kan halen wat nodig is om een klas over te slaan.

Ik durf te wédden dat er ouders op school en in onze omgeving zijn die zo over ons (en hem) denken. Even voor de duidelijkheid: zo gaat het dus niet. Hij slaat na de zomer een klas over, dat klopt. Maar niet zonder de nodige vijven en zessen.

Dat ging zo.

Voorgrond

Sinds hij op school zat, was hij nogal aanwezig in de klas. Hij is nu eenmaal lekker  zelfverzekerd en extravert, en ja, dan treed je graag op de voorgrond. Maar niet om te vervelen; hij wil gewoon in de klas gewoon graag het goede antwoord geven (op élke vraag). Kun je dat iemand kwalijk nemen? Nee, maar voor de andere kinderen en de juf is het niet altijd ideaal.

Uit allerlei tests en gesprekken met een expert op het gebied van ‘ontwikkelingsvoorsprong’ bleek wat we eigenlijk wel wisten: hij is hoogbegaafd. Behoorlijk, zelfs. Sinds een paar maanden rekent hij mee in groep 3, omdat hij het zichzelf anders verkeerd aanleerde. Langzaam maar zeker kwamen we tot de slotsom dat het beter was als hij na de zomervakantie helemaal over gaat.

Mitsen en maren

Daar hebben we nog best lang over moeten nadenken. De voordelen: hij krijgt stof op zijn niveau aangeboden, en dat geeft rust. Hij moet nu ook af en toe opdrachten doen waar hij moeite voor moet doen, en dat is het beste wat hem kon overkomen – het besef dat hij niet alles meteen hoeft te snappen en kunnen.

Dirkjan

De nadelen zijn ook duidelijk: hij zal altijd het jongste kindje in de klas blijven. Nu, maar ook straks in de puberteit, als elk jaar al helemaal telt. Het is al geen hoogvlieger op sportgebied, en je kunt nu al op je vingers natellen dat hij altijd als laatste zal worden gekozen met trefbal. Ook uit je omgeving hoor je ineens tal van verhalen van mensen die ooit een klas hebben overgeslagen en met wie het helemaal mis is gegaan.

Wegwuiven

Het mag duidelijk zijn dat deze beslissing een hele grote rol heeft gespeeld in ons leven, de afgelopen maanden. Toch merk ik dat ik er zo min mogelijk over praat met andere ouders. Een beetje wegwuiven; ‘O ja, hij draait nu mee met groep 3.’ Vorige week nog zag ik een berichtje van een Facebook-connectie die zoveel zei als ‘Wat vinden jullie van die ouders van wie de kinderen zo nodig hoogbegaafd moeten zijn?’

Dan vraag je jezelf af: waarom zit ik de boel hier eigenlijk te bagatelliseren? Hij heeft een talent. Het maakt hem niet beter dan andere kinderen, maar op een talent mag je verdomme tróts zijn. Als hij heel goed zou kunnen tennissen, zou ik het toch ook niet wegwuiven als ‘Ach, hij kan best aardig een balletje slaan’?

Trots

Laten we dan ook maar eens ophouden met dat bagatelliseren. Nee, we pushen hem niet. En nee, we vinden niet dat hij beter is omdat hij toevallig goed kan leren. Het is een talent, en daar mag hij trots op zijn – net als ieder ander kind op zijn eigen talent. Daarnaast moet hij vooral leren om een goed mens te zijn. Net als een kind dat goed kan tennissen.

Stripje: Dirkjan

Reacties

reacties


2.251 views | Geschreven door

16 reacties

  1. Vaness

    Jullie zoon mag blij zijn met zijn lieve ouders! Beste keuze, als je het mij vraagt.

  2. Tefke van Dijk

    Voors en tegens. Voordelen en nadelen. En dan samen de juiste afweging maken. Goed gedaan, Freek. En mooi beschreven.

  3. Ilze

    Het gaat erom dat je zoontje gelukkiger is in de nieuwe klas. Ik heb twee kinderen, 10 en 12. Alle twee jonge leerlingen, in oktober jarig, dus gingen ze met 5 jaar naar groep 3. Anders hadden ze zich volgens de kleuterjuf nog een jaar lang rotverveeld in groep 1/2. Toen de oudste vorig jaar naar het gymnasium ging, kwamen we erachter dat zijn twee jaar jongere zus dezelfde Citoscores had. Ze bleek twee jaar voor te liggen op haar klasgenootjes en had dus eigenlijk ook best één (of misschien zelfs twee) jaar over kunnen slaan. Althans, als je alleen naar haar leerprestaties kijkt. Maar wij hebben het nog geen vijf minuten overwogen, want we weten: zij wordt daar níet gelukkig van. Ze wil niks missen, en dan bedoelt ze van het sociale leven in de klas. Kletsen met vriendinnen, ‘kinderachtige spelletjes doen’, zoals ze het zelf noemt. Vindt ze heerlijk. We hebben veel geluk met een goede school, die wél doorheeft dat ze uitgedaagd moet worden. Dus krijgt ze via een speciaal systeem extra opdrachten, samen met een ander ‘superslim’ meisje. Een tijdschrift maken bijvoorbeeld of moeilijke rekenopgaven waar ze lekker op kan puzzelen (en die verdacht veel lijken op de wiskundeopgaven van haar twee jaar oudere brugklasbroer). En ze weet zeker dat ze volgend jaar ook naar het gymnasium wil. Niet omdat ze de leervakken zo leuk vindt, maar ze snapt niet dat haar broer (die meer van sport houdt dan van leren) niet mee wil doen aan de schoolmusical daar, of aan de online wiskundewedstrijd of de taalkunde-olympiade. Daar verheugt ze zich nu al op.
    Zo zie je maar weer: ieder kind is anders. En jullie als ouders zijn de enige die kunnen inschatten waar hij gelukkig van wordt en waar hij op zijn plek zit. Is dat in groep 3, dan is dat maar zo. Of zoals wij zeggen, verwijzend naar Nederlands bekendste hoogbegaafde jongen Erik Arbores: je kunt altijd nog dj worden als je op je veertiende klaar bent met je gymnaisum én je wiskundestudie.

  4. Johan Koning

    Je zult het niet geloven, maar wat herkenbaar 😉 Tot op zekere hoogte, dan.
    Pim gaat niet naar het reguliere onderwijs, maar naar een montessorischool. Het grote voordeel daarvan is, dat je daar over het algemeen individueel les krijgt en dat ze die lessen kunnen aanpassen aan het niveau van de kinderen. Pim gaat bijvoorbeeld lezen in de middenbouw (groepen 3, 4 en 5). De school denkt erg met ons (en hem) mee. Zo schaffen ze speciaal materiaal voor ‘slimme kleuters’ aan. Ook hier is het woord ‘hoogbegaafd’ laatst voor het eerst gebruikt, al is hij (nog) niet getest oid. Maar het zal er wel op uitdraaien.
    Het programma is nu zo, dat hij ‘gewoon’ de middenbouw gaat volgen, maar dat de bovenbouw (6, 7, en 8) voor hem waarschijnlijk 2 jaar zal duren en dat hij dan klaar is voor het voortgezet onderwijs. Nét iets anders dan een klas overslaan, zo kan hij gewoon met zijn klas- en leeftijdsgenootjes ‘meegroeien’.

  5. William Moore

    Wat een mooi eerlijk stuk. Ik weet niet of mijn kinderen hoogbegaafd zijn. Maar de oudste twee zitten inmiddels op het gymnasium. En wij, HAVO ouders merken nog wel eens dat we ons daar voor excuseren. ” Ja, ze wilden het zelf. Ze kunnen het nu eenmaal. ” Inmiddels ben ik er ook gewoon trots op. Op het feit dat zij er voor kiezen, er daar af en toe ook met de pet naar gooien. Maar ook uitgedaagd worden om hun talenten te ontwikkelen. En verder leren we ze om een goed mens te zijn.

    • Johan Koning

      Ik ken dat gevoel, William. Zéker als mavo-ouder (die ooit LBO/mavo-advies kreeg, maar later de meao en het hbo voltooide).

  6. Liesbeth van der Heijden

    Geef ‘m de uitdaging die hij verdient, Freek. Dat is het beste wat je als ouder kan doen. Mijn ouders (klein dorp, grote sociale controle) durfden het niet aan om mij een klas over te laten slaan. Op de basisschool was dat niet zo erg, in ons klasje van zeven leerlingen met een hogeschooldidacticus ervoor had iedereen zo’n beetje een eigen programma. Was ook alle tijd voor.
    Maar eenmaal op het VWO ging ik mijn eigen uitdagingen zoeken, omdat school ze me niet gaf. Het soort uitdagingen waar ouders niet blij mee zijn. Geen fijne tijd, niet voor mij, niet voor mijn ouders. Nou ja, uiteindelijk is alles goed gekomen en ben ik een keurige mevrouw geworden. Maar ik heb de ontwikkeling van mijn eigen kinderen met argusogen gevolgd.
    Gelukkig werden het gewone, slimme, maar zeker geen hoogbegaafde gymnasiumleerlingen (behalve Josephine met Downsyndroom dan. Ook slim, maar geen gymnasium). En dat ontslaat me van tenminste één grote verantwoordelijkheid. Dus geef je jochie wat hij nodig heeft, Freek. Laat ‘m genieten van zijn talent. En je één na laatste zin is de mooiste: leer hem vooral een goed mens te zijn. Oh ja, en geef je hem een keer stiekem een dikke knuffel van mij?

  7. Freek Janssen

    Bedankt voor jullie super-lieve en ondersteunende reacties :). Het voelt goed om te horen dat we er heel veel argumenten zijn waarom we juist wél een goede keuze hebben gemaakt. Ook in mijn familie heb ik voorbeelden van hoe het mis kan gaan.

    Hij zit een stuk lekkerder in zijn vel sinds hij meedraait met groep 3. Hij kan meer zichzelf zijn en dat merk je in alles. Hij zal altijd druk blijven, maar dat móet hij ook zijn, want zo is hij nu eenmaal :). Ons ventje. Ik geef een hem straks nog een dikke kus en knuffel namens jullie allemaal!

  8. tinekehoningh

    Goed opgemerkt: dat vervelende Nederlandse trekje, dat je bijna niet trots op je kind mag zijn. Maaiveld: hak, zaag, duw – en hup, terug erin. Fijn dat jullie dat wel op hem zijn! En hem lekker laten groeien!

  9. Christianne

    Knap gedaan! Luisteren naar je hart is het beste en jullie willen het beste voor je kind. Hoe het later uit zal pakken, positief of negatief, kun je toch niet weten. Je kunt er het beste gewoon mee omgaan en hem geven wat hij nú nodig heeft, extra (school-) prikkels, veel liefde en vooral plezier. Geniet lekker van jullie (hoogbegaafde) kind!

  10. Herkenbaar

    Wat herkenbaar! En inderdaad, je hebt in zo’n situatie gewoon weinig keus. Als een kindje in de kleuterklas al zo’n voorsprong heeft, dan valt daar gewoon niets meer te halen en kun je zelfs een hoop beschadigen. Jullie mogen niet alleen op jullie zoon trots zijn, maar ook op jullie zelf!!

    Bij ons heet het de afgelopen maanden ook allemaal gespeeld. Onze zoon, van net 5 jaar en zeer hoogbegaafd, werd er zo verdrietig en teleurgesteld van school, dat hij tegen een depressie aanzat. Een schoolgenootje, ook een kleuter van 5 zat met een burn-out thuis. Als je het niet voor je ogen hebt zien gebeuren, dan geloof je het gewoon niet, maar het kan dus echt.

    Uiteindelijk hebben wij gekozen voor een Leonardoklas. Is in onze stad aanwezig en voor hem de oplossing, omdat hij zo enorm ‘top down’ denkt, dat hij ook echt niet mee kan komen in een reguliere klas. Hij begrijpt het totaal niet, denkt te letterlijk en diep door op alles. Hij kan pas aan de slag als hij precies het hele plaatje weet.
    Ik had het er laatst over met andere ouders. Zo vreemd dat een kind met 40 tot 50 punten onder het gemiddelde IQ gelijk naar speciaal onderwijs kan, daar twijfelt bijna niemand aan en dat een kind met 40 a 50 punten boven het gemiddelde IQ dat niet mag. (Hij mag wel, maar we moeten per kind per jaar 1100 euro betalen aan ouderbijdrage, omdat er geen potje of rugzakje voor de ‘bovenkant’ is. En dat heeft natuurlijk niet iedereen, zeker niet als het om 2 of 3 kindjes uit hetzelfde gezin gaat).

    Jammer dat er nog zo weinig bekend is en dat er nog zoveel misverstanden bestaan over hoogbegaafdheid, dus daarom blij met deze post.

  11. Judith

    Dank voor die mooie vergelijking: als hij goed kan tennissen zeg je toch ook niet: ach hij slaat een leuk balletje… Die ga ik gebruiken! Sportprestaties zijn kennelijk aan te moedigen, leerprestaties en begaafdheid moet je vooral verdoezelen. Raar toch? Lof voor jullie!

  12. Freek Janssen

    Wij hebben ook een andere school overwogen, maar onze school heeft ons zó goed geholpen (en hij voelt zich er heel erg thuis), dat we besloten hebben om hier te blijven. Wat mij dan wel weer ‘herkenbaar’ is, is dat hij eerst het grote plaatje wil weten voordat hij zich kan en wil richten op de details. Altijd alles ophangen aan het grotere geheel. Vandaar uit specifieker maken. Mooie kijk op de wereld :)!

  13. A. van Zon

    Wij hebben hetzelfde meegemaakt. Onze zoon gaat nu naar het Voortgezet Onderwijs. Op alle gebieden is hij er klaar voor, ondanks zijn jonge leeftijd. Hij heeft moeten leren werken en gaat nu naar het Gymnasium. Daar zal hij het ook weer zelf moeten doen. Andere ouders beseffen niet wat een zorg het is als je kind anders leert. Onze zoon was een hele tijd een onderpresteerder. Door eigen motivatie voor het VO en wisseling van basisschool heeft hij nu heel veel zin om zich in te zetten en komt hij nu eindelijk op een plek die hem uitdaging zal bieden. Hij gaat ook wat verder weg naar school. Ook ik merk dat anderen dat soms raar vinden. Dichterbij zou ook kunnen. Nee, dus niet. Hij gaat naar een school die bij hem past. We hopen dat dit gaat werken en dat hij zich, ondanks de opkomende puberteit, lekker blijft voelen. En daar gaat het bij iedere ouder toch om.