Mijn zoon fietst tergend langzaam en zijn achterband is erg zacht. Omdat we toch vroeg op het schoolplein van zijn zus staan, besluit ik een fietspomp te zoeken. Kunnen we tenminste snel naar zijn school fietsen.

Die pomp vind ik gelukkig meteen, maar hij past niet goed op het ventiel. Na drie keer zinloos pompen en twee keer vloeken bedenk ik dat ik het ventiel misschien eerst moet opendraaien. Tssssssss. Goed, die band is nu dus helemaal leeg.

Hoe kan dit? Ik heb verdomme universiteit gedaan! Radeloos breng ik de fietspomp terug, zet mijn dochter in de klas, mijn zoon achterop en zijn fiets op het kratje voorop mijn fiets.

Twijfelend sta ik klaar om op te stappen. Een moeder kijkt me bedenkelijk aan. ‘Dat is een uitdaging’, zegt ze. ‘Ja, dit is een uitdaging’, schreeuw ik terug. Ik kijk of het fietsje stevig op het kratje ligt en of ik het ergens kan vasthouden. ‘Ik weet ook nog niet of ik het ga doen’, zeg ik tegen mezelf.

Uiteindelijk is het allemaal goed gekomen, zoals altijd. Maar waarom is er nog geen boek geschreven met als titel De Ochtenden?

Reacties

reacties


697 views | Geschreven door

Over de auteur

Oprichter van OudersOnderling en journalist, tekstschrijver en redacteur bij De Schrijfzolder. Analyseert boodschappenbriefjes en verzamelt slechte slogans. Zoon en dochter. Afwijking: pareidolia.