“Weet je dat die steen staat voor een nieuwetijdskind?” De vrouw tegenover me kijkt me vragend aan. Ik kan niks meer zeggen. Elke keer dat ik met haar over mijn zoon praat, gaan de sluizen open. De onmacht, de frustratie, het verdriet. Ik kwam bij haar voor iets anders, dacht ik, maar steeds komen we terug bij hem en vallen alle zorgvuldig opgebouwde schilden van me af. Snotterend zeg ik dat ik genoeg heb van alle labels: pdd/nos, hooggevoelig, hoogbegaafd, een sensorische integratiestoornis.

Het leek in eerste instantie fijn om zijn gedrag te kunnen plaatsen, maar mijn vorige blog riep zoveel meningen, boekentips en testadressen op, dat ik door de bomen het bos niet meer zag. Zoon gedijde ondertussen bijzonder goed bij de dagelijkse tekeningetjes, de driftbuien namen af van drie per dag tot één per week. Tot het herfstvakantie werd. Lege dagen, geen structuur en ik die vijf dagen naar Frankrijk ging. We spraken het vantevoren uitgebreid met hem door. Het ging goed (als we niet meetellen dat hij, nadat zijn oma de tv iets te abrupt had uitgezet, razendsnel zijn koffer inpakte en aan de straat ging staan met de mededeling: “Ik ga naar huis”) tot ik weer thuis kwam. Binnen een uur was daar een driftbui. En nog een.

nieuwetijdssteen

Ik dacht terug aan de blauwe, puntige steen die ik voor hem uitkoos. Hij paste bij zijn koppige, bozige, eigengereide karakter (en contrasteerde pijnlijk met de egaal glanzende, roze rozenkwarts die ik voor mijn dochter had uitgezocht). “Een nieuwetijdskind, het klinkt zo spiritueel,” zei ik. “Het zijn simpelweg kinderen die niet goed snappen hoe het werkt hier op aarde, wat ze moeten met alle wetten en regels die wij hebben bedacht,” was het nuchtere antwoord van de vrouw in de stoel tegenover me. Ze vertelde over haar eigen zoon die als puber in aanraking kwam met verkeerde vrienden en in de onderwereld belandde. Hoe ze hem nooit veroordeeld heeft, hem altijd is blijven inprenten dat hij een goed mens is en van hem leerde liefhebben zonder oordeel.

Ze vraagt of ik mijn zoon accepteer zoals hij is. Ik denk aan alle keren dat ik excuses maakte als hij ondankbaar, jaloers of onaardig was. Hoe ik het lawaai dat uit hem komt als hij iets niet mag, onmiddellijk probeer te stoppen. Hoe ik me schaam voor zijn harde huilen als hij is gestruikeld op straat. Rustig, aangepast, sociaal, op de achtergrond. Het is wie ik ben en diep in mezelf wil ik dat mijn kinderen ook zo zijn. Waarmee ik totaal voorbij ga aan het unieke, eigen karakter van zoon. “Accepteer hem zoals hij is,” zegt ze. “En leer van hem.”

Ik kijk naar mijn zoon. Zie zijn boosheid en wacht tot de storm overraast. Als hij klaar is met gillen zegt hij: “soms word ik zo warm van binnen mama.” Ik knuffel hem en zeg dat dat oké is.

Reacties

reacties


1.559 views | Geschreven door

16 reacties

  1. Annemarie

    Even tranen met tuiten hier. Zo herkenbaar ook al zit ik in een andere situatie (zoontje met down syndroom).

  2. Linda

    Zit op mijn werk, dus hou me in, maar pink stiekem een traantje weg. Ontroerend mooi Loe. Wat is t leven toch een emotioneel ding. En wat zegt Oot dat mooi en geef jij hem het liefste antwoord terug.

  3. EstherD

    Prachtig, en heel herkenbaar. Ook hier een kind dat ‘anders’ is, maar wat is anders? Misschien zijn wij wel anders.

  4. Anoniem

    Prachtig…. Ik heb zelf twee Nieuwetijdskinderen of ter wel Hoog sensitief zijn, ze zijn nu alweer 28 en 25 jaar oud!
    Wat is daar moeilijk mee om te gaan puffff nu nog soms!

  5. Johannet

    Wat een klus
    Wat prachtig geschreven
    En dat wat Tineke zegt: mild zijn voor jezelf
    Ook vaders en moeders hoeven verre van perfect te zijn

  6. Anne Hofstede

    “Het zijn simpelweg kinderen die niet goed snappen hoe het werkt hier op aarde, wat ze moeten met alle wetten en regels die wij hebben bedacht,” Het is juist andersom: kinderen worden geboren met al hun instincten intact. Wij moeten van hen leren en niet andersom. Zoals dat haasten en vliegen omdat de klok dat zegt, onzinnig en ongezond is. Zo kan ik ook niets met de term ‘hooggevoelig’. Dit zijn de normale kinderen, in een absurde onnatuurlijke wereld overvol met prikkels. Je kan beter spreken van de mensen (groot en klein) die wél met al die prikkels kunnen dealen als ‘laaggevoelig’. De afwijking van de norm.