Zaterdagochtend, 8.00 uur. We zitten aan het ontbijt. Slaperig, want zonder kinderen die in alle vroegte naar voetbal moeten, blijven we op zaterdag wat langer in bed liggen. Vandaag niet, want het is nationale natuurwerkdag. ‘Waarom hadden we ook alweer bedacht dat dit leuk was’, hoor ik mezelf hardop denken.

Na een hele discussie ‘hoe het kan dat de natuur zichzelf niet kan onderhouden’, besloten we dat het hoe dan ook een leuk idee is van de ouders van een klasgenootje van onze zoon om samen aan de slag te gaan in de natuur.

Onze kinderen zijn het daar niet mee eens, zo blijkt tijdens het ontbijt. Het ene brandje is nog niet geblust, of het volgende drama dient zich aan. Over niks. Alles kost vandaag moeite: aankleden, dooreten, melk opdrinken, tanden poetsen, jas aantrekken. Als we eenmaal in de auto zitten, moet ik eerst drie keer zuchten om weer tot rust te komen.

Aangekomen op onze ‘natuurwerkplek’, slaan we een kop koffie achterover en volgen de enthousiaste organisator het bos in. Hij stapt flink door, waardoor ik mijn vijfjarige dochter voortdurend moet aansporen door te lopen. Als we het bos uit komen, begint het zacht te spetteren. De ouders van het klasgenootje zijn vooralsnog nergens te bekennen. Weer vraag ik me af: waarom was dit ook alweer leuk?

We krijgen een zaag in onze hand gedrukt. ‘Zoek maar een kleine eik die de struiken in de schaduw zet en haal die weg’, zegt de man en hij snelt terug naar de basis om een journaliste te woord te staan. Onze zoon zet zichzelf in de weigermodus en zegt dat hij niets wil doen. Ik snap hem heel goed, maar probeer enthousiast te blijven. ‘Kom, we zoeken samen een boom uit.’ Als hij blijft weigeren en escalatie dreigt, ben ik het zat. We gaan dit nu doen, punt uit.

Ik zet mijn capuchon op en begin te zagen. Het is zwaar, maar het voelt goed om mijn frustratie van de ochtend te botvieren op een boom. De zaag zoekt zich een weg door het hout, snippers vallen op het mos en voordat ik het doorheb, begint de boom te kantelen. ‘Van onderen!’, roep ik. En met een machtig mooi geluid van krakend hout valt hij met een plof op de grond. We zijn er allemaal stil van. Wauw. We hebben zojuist voor het eerst zelf een boom omgezaagd. Een echte boom. Omgezaagd. Helemaal zelf.

Het begint steeds harder te regenen, maar ik zie de zon al doorbreken en ga op zoek naar een nieuwe eik. Het is goed dat we zijn gegaan.

Reacties

reacties


663 views | Geschreven door

Over de auteur

Oprichter van OudersOnderling en journalist, tekstschrijver en redacteur bij De Schrijfzolder. Analyseert boodschappenbriefjes en verzamelt slechte slogans. Zoon en dochter. Afwijking: pareidolia.