Wij van boven de rivieren kennen het niet, begrijpen het niet en het zit zeker niet in ‘ons’ bloed. Maar ja, nu ik in het carnavalvierend deel van Nederland woon, vind ik dat ik er ook iets van mee moet pikken. En in ieder geval mee moet geven aan het kroost. Wie weet blijven ze hier immers hun hele leven wel wonen.

Vrijdag was het dan ook carnaval op zoonliefs school. Iedereen mocht verkleed naar school komen. Zoon had het al snel bekeken: hij wilde Mario zijn. Zo gezegd, zo gedaan. En een succes was het.

carnavalVandaag zouden we dan naar de optocht gaan. Niet die in de stad (duurt lang, naar verluidt), maar in ’t dorpke Deurningen (voor de gelegenheid omgedoopt tot iets met Nettelkörnkes). Scheelt ook een behoorlijk stukje fietsen, trouwens.

Van ver hoorden we de geluiden van de optocht al. “Ik hoor alleen maar een trommel”, aldus dochter. Het bleek een allesoverstemmende bas te zijn. Zoon is niet zo van de harde geluiden, dus we hadden voorzorgsmaatregelen genomen en zijn koptelefoon meegebracht.

Die zette hij op, maar daarna was de bokkenpruik ook snel opgezet: “Ik wil naar huis!” Dochter keek alleen maar apathisch en met een wit gezicht toe, duchtig onder de indruk van de mensen die onder meer verkleed waren als patatjes. Alles overstemd door de drumband en per wagen een andere geluidsinstallatie. Toch kwam zoon er nog bovenuit: “Ik wil naar huis!”

Na precies 3 wagens hebben we de fiets weer gepakt. Met een huilende zoon naast me fietste ik zo snel mogelijk weg van al dat lawaai. Ik vermoed dat we de komende jaren van de carnavalsoptocht verlost zijn. Ik zal er geen traan om laten. Alhoewel, achter me op de fiets hoorde ik stilletjes: “Ik vond de optocht leuk”…

PS En die titel van dit blog? Slaat hierop. Breng ik u toch nog een beetje carnavalscultuur bij.

Reacties

reacties


873 views | Geschreven door

Over de auteur

Freelance tekstschrijver

Freelance tekstschrijver (onder de naam LetterLuck | tekst voor u). Maar bovenal man van Audrey en vader van Pim (2007) en Femke (2009). Mag op Ouders Onderling schrijven en adjunct-hoofdredacteur spelen. Vervult voor heel Content Collective de rol van eindredact(z)eur. Chronisch Gronings, maar al jaren wonend in prachtig Twente.

4 reacties

  1. marjolijnhovius

    Herkenbaar! Na 11 jaar beneden de rivieren heb ik de hoop ook opgegeven, Johan. Zelfs de klemtoon in het woord carnaval krijg ik niet op de juiste plaats. Nou stelt het hier in Knotsenburg niet veel voor, maar ik overwoog nog wel om morgen even bij de optocht te gaan kijken. Ook met het idee ‘Je moet ze het toch een beetje laten meemaken’.
    Maar vanmiddag liep ik met de kinderen in de stad. Uit een enkel café klonk muziek en gehos. “Leuk, een feest! Waarom gaan wij daar niet heen?”. Ehm… “we zijn niet uitgenodigd…” probeerde ik. Tot mijn verbazing knikte mijn dochter meteen begripvol.
    Even verderop slingerden wat slierten serpentines over straat. Zoon wilde er eentje oprapen. Dochter: “Niet doen, dat is van de carnaval, daar zijn we niet voor uitgenodigd”.
    Ook weer opgelost.

    • Johan Koning

      Ik hoop dat het euvel hier ook is opgelost. Al vertrouw ik het feestnummer dat mijn dochter is niet…

      • peterzunneberg

        Het valt me op dat je het over een euvel hebt en dat je je dochter als feestnummer niet vertrouwt. Daarmee sta je volgens mij zelf niet helemaal open in je poging je kinderen kennis te laten maken met carnaval. Ik ben niet groot gebracht met carnaval – hossen was bij ons thuis het meest erge werkwoord dat er bestond – en heb mijn kinderen dus ook nooit kennis laten maken met iets wat ik zelf niet kende. Mijn zoon is dit weekend met vrienden, van wie er enkelen het carnaval wel kennen en vieren, naar Maastricht. Ik ben benieuwd naar zijn verhalen. Ik zal zelf geen carnavalsvierder meer worden, maar de verhalen en de rituelen (lees bv. http://www.vn.nl/Archief/Samenleving/Artikel-Samenleving/Moderne-ongemakken-de-carnavalstoerist.htm ) fascineren mij steeds meer.

  2. Johan Koning

    U bent een kritisch lezer, heer Z. Ik bedoelde het euvel voor mijzelf; zijn de kinderen niet geïnteresseerd, dan hoef ik er ook niet heen 😉
    Maar als ze er wel door geboeid raken, dan zal ik dat zeker respecteren. Dat geldt ook voor een dochter die bijvoorbeeld gaat turnen of paardrijden, of een zoon die gaat judoën. En vice-versa. Ook niet mijn kopjes thee, maar ik zal ze aanmoedigen. Uiteraard op een beschaafde manier.